Amfibieën in de Alblasserwaard

HEIKIKKER (Rana arvalis)

Beschrijving
De heikikker is een middelgrote kikker met een iets spitse snuit. De kleur is erg variabel van geelbruin tot rood/groenbruin op de rug met vaak een lichte lengtestreep over de rug heen, een patroon van donkere vlekken op de flanken en een lichte buik. In de paartijd (eind februari, begin maart)  kleuren mannetjes licht- tot fel blauw. Deze kleur is maar enkele dagen aanwezig.
Heikikkers kunnen 8 cm groot worden.

Verspreiding en leefwijze
De heikikker wordt als kwetsbaar aangemerkt. Hij komt voornamelijk voor in vochtige heidegebieden waar sprake is van veenvorming en in hoog- en laagveengebieden. Ook in de rest van zijn verspreidingsgebied is vocht en veenvorming een belangrijk element van zijn biotoop.  De Alblasserwaard vormt het belangrijkste verspreidingsgebied van de heikikker in het westen van Nederland. De aanwezigheid van laag struweel en hoge kruidige gewassen is hier van belang. Het voortplantingsbiotoop bestaat uit ondiepe stilstaande wateren met oevervegetatie.

Bescherming
De heikikker is in de Rode lijst aangemerkt als “kwetsbaar” en is in tabel 3 van de Flora- en faunawet opgenomen. De heikikker heeft een zeer hoge beschermingstatus in de Europese Habitatrichtlijn (bijlage 4).

Beste tijd om te zien
Vanaf half maart zijn de heikikkers in het voortplantingswater te vinden, bij een zacht voorjaar soms nog wel eerder. De dieren hebben een zeer korte koorperiode, die soms maar één week duurt, waarin zij hun bubbelende geluid laten horen. Het hoogtepunt ligt rond eind maart - begin april. Daarna is de heikikker te vinden op het land.


 

BRUINE KIKKER (Rana temporaria)

Beschrijving
De bruine kikker is een middelgrote vrij robuuste kikker met een stompe snuit. Ze zijn variabel van kleur (bruin, roodbruin, geelbruin, grijsbruin, etc.) met een patroon van donkere vlekken en een lichte gemarmerde buik. Bruine kikkers kunnen tot 11 cm groot worden.

Verspreiding en leefwijze
De bruine kikker komt voor in tal van watertypen, mits deze zonbeschenen, ondiepe oeverzones bevatten. Deze oeverzones zijn belangrijk voor de voortplanting. De bruine kikker kan worden aangetroffen tot in stedelijke gebieden en behoord tot de meest algemeen voorkomende amfibieënsoorten in Nederland. In de Alblasserwaard komt de bruine kikker overal voor. Voor een goed landbiotoop is de aanwezigheid van bosjes en ruigten in een kleinschalig landschap van groot belang.
De eiklompen worden vroeg in het voorjaar (maart) afgezet, vaak met enkele tientallen klompen tegelijk op slechts enkele vierkante meters. De mannetjes van de bruine kikkers maken daarbij een zacht, brommend geluid. Na de voortplanting gaan de volwassen dieren al weer snel het land op. Bruine kikkers overwinteren zowel op het land als in het water.

Bescherming
De soort heeft de status 'thans niet bedreigd' in de Rode Lijst. De bruine kikker is in tabel 1 van de Flora- en faunawet opgenomen.

Beste tijd om te zien
De bruine kikker is samen met de heikikker de eerste kikker die in het voorjaar aan de voortplanting begint. Gedurende de maand maart kunnen roepende mannetjes waargenomen worden. Vanaf eind juni kunnen de pas juveniele kikkertjes, soms massaal, aan de oevers worden gevonden.