Planologiewerkgroep

Doelstelling werkgroep Planologie

De werkgroep Planologie richt zich op het behoud en het verbeteren van de natuur in de Alblasserwaard, door alert te zijn op ruimtelijke ontwikkelingen en zo nodig hierop een zienswijze in te dienen. Een van de hulpmiddelen hierbij is een checklist waar in ca. 30 punten kort en bondig de praktische uitwerking van de visie van de NVWA staat beschreven.

Werkwijze

Beleidsniveau
De werkgroepleden hebben overleg met maatschappelijke organisaties en overheden in de Alblasserwaard. Ook met de provincie is overleg. Bij gemeenten is de werkgroep actief binnen het proces van burgerparticipatie.  Verder maakt de werkgroep, bij beleidswijzigingen  of wijziging bestemmingsplannen, gebruik van de inspraak mogelijkheden. Daar waar nodig dient de werkgroep zienswijzen in.

Projecten
Op projectniveau adviseert de werkgroep gemeenten bij de wijziging van bestemmingsplannen. Bij projecten toetst de werkgroep de verrichte ecologische onderzoeken op, waar nodig, de Natuurbeschermingswet  en de Flora- en Faunawet.

Samenwerken
Om de genoemde activiteiten te kunnen uitvoeren is binnen de vereniging en buiten de vereniging samenwerking noodzakelijk. Advisering en toetsing is alleen mogelijk door samen te werken met de andere werkgroepen binnen de vereniging waar specifieke kennis van de Alblasserwaard aanwezig is.

Daarnaast is ook externe samnwerking van groot belang. De werkgroep is namens de NVWA vertegenwoordigd in het Gebiedsplatform Alblasserwaard /Vijfherenlanden en heeft contacten met  Den Haeneker, Stichting Groene Hart en de Zuid-Hollands Milieufederatie.

 

De NVWA heeft ten doel:

1. Het bevorderen van het natuur- en milieubesef door middel van educatieve activiteiten.


2. Het beschermen van flora, fauna en het landschap.


3. De studie over flora, fauna en het landschap.


4. Het meewerken aan het in stand houden van door particulieren of organisaties,
    in de Alblasserwaard, verworven natuurgebieden.


5. Het waken tegen water-, bodem- en luchtverontreiniging.


6. Het toetsen van planologische voornemens en het eventueel reageren door
    middel van gefundeerde bezwaarschriften.